Nieuws
Offerfeest liep danig uit de hand
02 februari 2006
Bij de rituele slachtingen voor het jaarlijkse islamitisch offerfeest liep het ook dit jaar weer flink uit de hand. De Lierenaars konden met eigen ogen tal van overtredingen vaststellen, zoals het transport van schapen in particuliere wagens en het dumpen van slachtafval… Wie daartoe de nodige moed kon opbrengen en z’n weerzin kon overwinnen, kon zelfs zien hoe zonder enige verdoving in de schapen werd gekerfd, en hoe ze werden gekeeld en afgemaakt…
Volgens een Europese richtlijn, en ook volgens de Belgische wetgeving, moet elke rituele slachting plaatsvinden in een erkend slachthuis. Zo’n slachting moet bovendien voldoen aan heel wat voorwaarden ondermeer wat betreft transport, verdoving, hygiëne, enz… Van tijdelijke slachtplaatsen, zoals die ondermeer in Lier worden ingericht, is in de wetgeving nergens sprake.
In de gemeenteraad drukte het Vlaams Belang de meerderheid met de neus op de feiten. En ook de schepen, die eventjes ongewild de ludieke toer opging toen hij vertelde dat het eerste geslachte schaap pas om twaalf uur buiten kwam gewandeld, kon niet verhullen dat er opnieuw heel wat is misgelopen.
Maar ook dan blijft het huidige Lierse stadsbestuur z’n gedoogbeleid verdedigen en blijft het jaar na jaar z’n medewerking verlenen aan het inrichten van barbaarse slachtvloeren. Als argument wordt daarbij aangevoerd dat men anders tóch overgaat tot rituele slachtpartijen. Het Vlaams Belang wees op het absurde van deze redenering. Alsof we verkeerslichten zouden uitschakelen omdat men tóch door het rode licht rijdt…
Uitzonderingsmaatregelen - enkel en alleen ten voordele van allochtonen - wekken bovendien alleen de ergernis op van de eigen bevolking. En in géén geval bevorderen zulke zaken de integratie.
Voor het Vlaams Belang is het duidelijk dat religieuze gebruiken zoals rituele slachtingen, die misschien een plaats vonden in een middeleeuwse rurale omgeving, niet thuishoren in onze moderne, industriële en verstedelijkte maatschappij. Het is niet alleen vies, onhygiënisch en vervuilend, maar vooral onnodig wreed tegenover de dieren.
Door hun dikwijls uitdagend gedrag geven heel wat immigranten aan dat ze de eisen, die door een westerse samenleving worden gesteld niet wensen te aanvaarden. Ze stellen de sharia, de wetgeving die ze menen te moeten afleiden uit de koran, boven onze wetten, en leveren daarmee het bewijs dat ze niet willen integreren.
Het is niet de eerste keer dat VLDLMM en CD&V de allochtonen sterken in hun afwijzing van onze westerse waarden. Opnieuw geven ze hen het signaal dat ze zich niet hoeven in te passen, dat ze niet moeten integreren.
In onze westerse maatschappij dienen cultuur en godsdienst ondergeschikt te zijn aan ethiek. Verdraagzaamheid tegenover andere culturen en godsdiensten mag geen excuus zijn om dierenmishandeling te blijven tolereren, en mag zeker geen excuus zijn om onze eigen normen en wetten in vraag te stellen.
De medewerking die CD&V en VLDLMM verlenen aan het inrichten van rituele slachtpartijen, die volledig in strijd zijn met alle Europese richtlijnen, die geen enkel respect opbrengen voor onze wetten, en die geen rekening wensen te houden met onze waarden, is totaal ongepast en meteen het zoveelste bewijs dat de integratie is mislukt.