Initiatieven
Verkoop openbaar verlichtingsnet
Tussenkomst
Gemeenteraad
20 december 2004
Dit dossier komt niet uit de lucht vallen. Het werd reeds in augustus besproken op de raad van bestuur. De werkelijke reden voor de verkoop van ons openbaar verlichtingsnet staat niet in het voorstel van het College. Het kadert namelijk in de aanpassingen die ingevolge de liberalisering van de energiemarkt dienen doorgevoerd te worden. Om de onafhankelijkheid van de distributienetbeheerders ten opzichte van de elektriciteitsproducenten en –leveranciers te garanderen, bepaalt artikel 13 van het besluit van de Vlaamse regering m.b.t. de distributienetbeheerders voor elektriciteit immers dat het kapitaalbelang van producenten, leveranciers en daarmee verbonden ondernemingen alleen of gezamenlijk 30% mag bedragen. In de praktijk houdt dit in dat de deelnemende gemeenten in de intercommunale aandelen van Electrabel zullen moeten overnemen om de gewenste kapitaalverhouding te bereiken.
En het is daar dat het schoentje wringt, want de meeste steden en gemeenten hebben eenvoudigweg niet het geld voor die verhoogde kapitaalinbreng. Om de werking van de distributienetbeheerders niet in het gedrang te brengen, moest er dus een financieringstruc bedacht worden. En die truc bestaat er dus in dat de distributienetbeheerder – IVEKA dus - zelf zorgt voor een deel van dat geld door van de steden en gemeenten het openbare verlichtingsnet te kopen. Voor Lier gaat het dus blijkbaar om een bedrag van zo’n 500.000 euro. Gelukkig moet Lier dit geld niet besteden voor de verwerving van aandelen. Maar omdat het een beslissing is genomen door alle steden en gemeenten in de intercommunale, wordt Lier ook mee in het bad genomen.
Op financieel vlak doet Lier door deze operatie dus een goede zaak. Maar we blijven toch problemen hebben met deze operatie omdat er nog te veel onduidelijkheden blijven bestaan. Onduidelijkheden i.v.m. de billijke vergoeding, de berekening ervan en het feit dat er met geen woord wordt over gerept in het voorstel van besluit. Bedenkingen en vragen ook omtrent het feit dat in de toekomst de op te richten netten en netonderdelen automatisch eigendom van IVEKA worden met uitzondering van de palen en de armaturen. Zal daar een vergoeding tegenover staan of gaat het om een kostenloze overdracht?
Ik vraag mij trouwens af of die eenmalige inkomsten niet op termijn zullen leiden tot een verarming van de stad en de gemeentelijke autonomie niet zullen ondermijnen? Zal de stad nog een beslissing kunnen nemen omtrent bijvoorbeeld het ondergronds brengen van de nog aanwezige bovengrondse elektriciteitsleidingen? Of is de stad daarvoor volledig afhankelijk van de goede wil van de distributienetbeheerder? Wat indien die dit niet financieel interessant vindt? Ik vrees dat u het antwoord zult moeten schuldig blijven. Het Vlaams Belang brengt natuurlijk begrip op voor de vele moeilijkheden waarmee de steden en gemeenten als gevolg van de vrijmaking van de energiemarkt geconfronteerd worden, maar onze fractie zal zich onthouden omdat er nog te veel onduidelijkheden en onzekerheden blijven bestaan omtrent deze operatie op langere termijn.
Jan Mortelmans
Gemeenteraadslid
Categorie: